Monteur elektrotechnische installaties (mbo-niveau 2)

U werkt als monteur elektrotechnische installaties en legt leidingen aan en werkt deze weg in de muur. U sluit groepenkasten aan en plaatst wandcontactdozen. U installeert ook andere producten, zoals beveiligings- en communicatieapparatuur. Deze elektrische installaties plaatst u onder andere in woningen en bedrijfspanden. U werkt zelfstandig maar ook in een team.

Van stoplichten tot datanetwerken; in bijna elk apparaat of systeem zit wel elektrotechniek. Een monteur elektrotechnische installaties legt zowel eenvoudige als complexere elektrotechnische installaties en onderdelen daarvan aan.

Het werkveld is breed want elk gebouw, hotel, kantoorof ziekenhuis heeft elektrotechnische installaties zoals telefoon en datanetwerken, beveiligingsinstallaties etc. Uw erk zorgt ervoor dat alles werkt. 

Een diplomaroute is iets anders dan een opleiding. U volgt geen lessen maar doet meteen examen. Niet iedereen wordt toegelaten tot de examens. U wordt alleen toegelaten wanneer u voldoende praktijkervaring heeft.

 

Na inschrijving ontvangt u een inlogcode voor uw persoonlijke account en de volledige Handleiding
Monteur Elektrotechnische Installaties.

 

Het is belangrijk dat u de informatie in de handleiding goed doorneemt. De examens bestaan uit verschillende onderdelen, praktisch, schriftelijk en mondeling. In de handleiding vindt u alle informatie over de verschillende examenonderdelen.

 

Klik hier voor meer informatie over de beroepseisen, Nederlands en rekenen.

Hanleiding elektro 

Toelatingseisen

 

  • U bent 18 jaar of ouder;
  • U spreekt en schrijft Nederlands;
  • U voldoet aan de wettelijke toelatingseis. Klik hier voor meer informatie over vooropleiding en toelating tot mbo niveau 2. 
  • U heeft in de afgelopen 2 jaar minimaal 400 uur praktijkervaring opgedaan waarin u werkzaamheden van een monteur elektrotechnische installaties heeft uitgevoerd. U heeft voldoende ervaring met alle aspecten waar een monteur elektrotechnische installaties mee te maken krijgt.

 

Klik hier voor een omschrijving van de praktijkervaring die u nodig heeft.

 

 

                                                                                                                                                                                                                   Intake en examens

 

Schema elektro

 

 

De intake

 

Tijdens het telefonische intakegesprek bepalen we of u voldoende praktijkervaring heeft met alle aspecten waar een monteur elektrotechnische installaties mee te maken krijgt. Dit is een toelatingseis voor de examens.  

Na inschrijving maken wij met u een afspraak voor de telefonische intake. Voorafgaand aan de intake vult u online een formulier in.  

Indien uit het intakegesprek blijkt dat u niet over voldoende praktijkervaring beschikt geven wij aan welke praktijkervaring u moet  aanvullen. U krijgt drie maanden de tijd om uw ervaring aan te vullen. Na deze drie maanden volgt opnieuw een intakegesprek. U krijgt maximaal één herkansing van het intakegesprek.

 

Examen deel 1: de schriftelijke examens

Examen deel 1 bestaat uit verschillende onderdelen en neemt in totaal 2 tot 2 ½ uur in beslag. U kunt voor examen deel 1 terecht op een van onze acht examenlocaties.

Naast de schriftelijke examens Nederlands en rekenen krijgt u een beroepskennisexamen. Dit examen bestaat uit meerkeuzevragen en open vragen.

De vragen van het beroepskennisexamen zijn gebaseerd op een reader. Voorbeelden van onderwerpen zijn: de Wet van Ohm, rekenen met verschillende natuurkundige formules en schema’s lezen. In de handleiding voor de deelnemer vindt u een compleet voorbeeldexamen. Na inschrijving krijgt u toegang tot deze reader.

 

Examen deel 2A: praktijkexamen in Geldermalsen of Tiel

Dit examen duurt een hele dag. U krijgt op deze dag opdrachten die samenhangen met het realiseren van een nieuwe elektrische installatie en het uitbreiden van een bestaande installatie. De benodigde materialen en middelen zijn aanwezig. De examinator beoordeelt uw handelingen tijdens uw werkzaamheden.

 

Examen deel 2B: praktijkexamen in Geldermalsen of Tiel

U vervolgt uw opdrachten van examen deel 2A. Na deze observatie volgt een interview met de examinator. Tijdens dit interview gaat de examinator met u in op uw kennis, houding en vaardigheden die tijdens de observatie niet aan de orde zijn geweest. De examinator zal u vragen naar recente praktijkvoorbeelden en schema’s en tekeningen met u doornemen.

 

Praktische info

 

Startdata                                              

U kunt starten wanneer u wilt. Het hele jaar door kunt u zich inschrijven en starten met de diplomaroute. 

 

Duur                                                                                          

 

 

De duur is afhankelijk van de periode waarin u bent ingeschreven. Voor examen deel 2 en het centrale examen Nederlands bestaat een examenplanning.  Deze wordt landelijk bepaald

 

Centrale examinering

 

 

Locatie/data/ tijden

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Schriftelijke examens in Diemen, Roermond, Utrecht, Zaltbommel, Zoetermeer en Zutphen.

 

Locatie centrale examinering:

ROC Rivor / Beethovenstraat 22 in Tiel 

Data centrale Cito examinering:

Nederlands en rekenen 2F

  • week 3         14-1 t/m 18-01-2019
  • week 11       11-3 t/m 15-03-2019
  • week 21       20-5 t/m 24-05-2019


dag en tijd

maandag en vrijdag:
09.00 - 10.30 (Nederlands 11.30 - 13.00 (rekenen)

dinsdag, woensdag en donderdag:
11.30 - 13.00 (Nederlands) en 14.00 - 15.30 (rekenen)



Nederlands lezen, luisteren, schrijven 3F:

dag en tijd

dinsdag en woensdag

  • week  5       29-01 en 30-01-2019
  • week 13      26-03 en 27-03-2019
  • week 23      04-06 en 05-06-2019


Lezen en luisteren
van 12.00 - 14.00 en schrijven  van 14.30 - 15.30 uur

 

 

Herkansen

 

 

 

Alle examenonderdelen die bepalen of u slaagt of zakt kunnen maximaal één keer herkanst worden.

Het examen Nederlands mag tweemaal herkanst worden. 

 

Kosten      

 

 

 

 

      

 

Deelname aan de totale diplomaroute kost 1500 euro*.
Voor het eerste deel van de diplomaroute (inschrijving t/m examen deel 1) zijn de kosten 250 euro, voor het tweede deel 1250 euro. U betaalt dus in twee delen.

 

*een herkansing Nederlands kost 75 euro. Deze kosten zijn niet inbegrepen. 

 

 

Tip: Studiekosten zijn fiscaal aftrekbaar, voor meer informatie hierover verwijzen wij u naar de Belastingdienst.

 

Tip: Schrijf u alleen in voor deze diplomaroute als u aan de toelatingseisen voldoet. U heeft géén recht op restitutie van de kosten (250 euro) wanneer u het eerste deel van de diplomaroute niet afmaakt. Een reden voor het niet afmaken kan zijn dat u niet wordt toegelaten tot de examens omdat uit de intakeprocedure blijkt dat u niet aan de toelatingseisen voldoet.

 

 

Uw werk is een diploma waard! Handleiding deelnemer Diplomaroute Monteur elektrotechnische installaties Niveau 2 Voor deelnemers van InstallatieWerk Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 1 van 37 Diplomaroute Monteur elektrotechnische installaties Niveau 2 Handleiding deelnemer Versie 1.1 voor InstallatieWerk Kwalificatiedossier 94271 cohort 2014 Jaar van uitgave: 2016 Rivordiplomaroute Bezoekadres: Oude Bosscheweg 2, 5301 LA, Zaltbommel Postadres: Postbus 365, 4000 AJ Tiel Email: diplomaroute@rocrivor.nl Telefoon: 0344-656256 Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 2 van 37 Voorwoord Welkom bij Rivordiplomaroute. U heeft zich ingeschreven voor de diplomaroute Monteur elektrotechnische installaties. Als monteur zorgt u voor goed functionerende elektrotechnische installaties in allerlei gebouwen. Een diplomaroute is iets anders dan een opleiding, u doet meteen “eindexamen”. Niet iedereen wordt toegelaten tot deze diplomaroute. U wordt alleen toegelaten wanneer u voldoende praktijkervaring heeft. Wij willen u duidelijk informeren over alle mogelijke aspecten die met de diplomaroute Monteur elektrotechnische installaties te maken hebben. In deze handleiding voor de deelnemer vindt u alle informatie over de examinering. Op een aantal plaatsen in de handleiding wordt verwezen naar informatie in andere documenten. Wij adviseren u deze handleiding goed door te lezen. Als u na het lezen van deze handleiding nog vragen heeft over de diplomaroute, neemt u dan contact op met ons op, via email: diplomaroute@rocrivor.nl of tel: 0344-656256. Het team van Rivordiplomaroute wenst u veel plezier en succes met de examens. Namens het team, Alice Kruithof Voorzitter examencommissie Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 3 van 37 Inhoud 1. INLEIDING ................................................................................................................................................. 4 1.1. ALGEMEEN................................................................................................................................................ 4 1.2. INFORMATIEBRONNEN ................................................................................................................................. 4 1.3. DIPLOMA-EISEN.......................................................................................................................................... 4 1.4. OPBOUW VAN DE DIPLOMAROUTE .................................................................................................................. 5 2. INTAKE ...................................................................................................................................................... 7 2.1. HET INTAKEFORMULIER ................................................................................................................................ 7 2.2. CONTROLE WERKERVARING ........................................................................................................................... 7 2.3. HET INTAKEGESPREK .................................................................................................................................... 8 2.4. UITGEBREID INTAKEGESPREK IN VERBAND MET TOELATINGSONDERZOEK .................................................................. 8 3. EXAMEN DEEL 1: SCHRIFTELIJKE EXAMENS ............................................................................................... 9 3.1. ALGEMEEN................................................................................................................................................ 9 3.2. EXAMEN BEROEPSGERICHTE KENNIS................................................................................................................. 9 3.3. NEDERLANDS SCHRIJVEN EN TAALVERZORGING................................................................................................. 10 3.4. EXAMEN REKENEN..................................................................................................................................... 10 4. EXAMEN DEEL 2: PROEVE VAN BEKWAAMHEID EN MONDELINGE EXAMENS.......................................... 11 4.1. ALGEMEEN.............................................................................................................................................. 11 4.2. VERLOOP VAN EXAMEN DEEL 2..................................................................................................................... 11 4.3. GESIMULEERDE PRAKTIJKOPDRACHT .............................................................................................................. 12 4.4. EINDGESPREK........................................................................................................................................... 13 4.5. BEOORDELING VAN DE PROEVE VAN BEKWAAMHEID......................................................................................... 13 4.6. EXAMENS NEDERLANDS SPREKEN EN GESPREKKEN VOEREN................................................................................. 14 5. CENTRAAL EXAMEN ................................................................................................................................ 15 5.1. ALGEMEEN.............................................................................................................................................. 15 5.2. EXAMEN NEDERLANDS LUISTEREN EN LEZEN.................................................................................................... 15 6. EXTRA TOELICHTING BIJ DE EXAMENS NEDERLANDS .............................................................................. 16 6.1. EINDRESULTAAT NEDERLANDS ..................................................................................................................... 16 6.2. NEDERLANDS OEFENEN............................................................................................................................... 16 7. EXAMENREGELING.................................................................................................................................. 19 7.1. HERKANSING ........................................................................................................................................... 19 7.2. DIPLOMERING.......................................................................................................................................... 19 7.3. AANGEPASTE EXAMENS .............................................................................................................................. 19 7.4. KLACHT OF BEZWAAR................................................................................................................................. 19 7.5. BEROEP .................................................................................................................................................. 21 7.6. DEELNEMERSTEVREDENHEID........................................................................................................................ 21 BIJLAGE A: ONDERWERPEN EXAMEN BEROEPSGERICHTE KENNIS.................................................................. 22 BIJLAGE B: VOORBEELDEXAMEN BEROEPSGERICHTE KENNIS......................................................................... 23 BIJLAGE C: NEDERLANDS SPREKEN................................................................................................................. 35 BIJLAGE D: NEDERLANDS GESPREKKEN VOEREN ............................................................................................ 36 Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 4 van 37 1. Inleiding 1.1. Algemeen Tijdens deze diplomaroute neemt u deel aan het mbo-examen Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2). Elk mbo-examen bestaat uit beroepsgerichte en algemene onderdelen. Deze onderdelen zijn wettelijk verplicht. Bij de beroepsgerichte onderdelen worden uw kennis, houding en vaardigheden die horen bij uw beroep beoordeeld. Bij de algemene onderdelen worden uw kennis en vaardigheden van het Nederlands en rekenen beoordeeld. In deze handleiding worden de verschillende onderdelen uitgelegd. 1.2. Informatiebronnen Tijdens de diplomaroute wordt gebruik gemaakt van een internetsysteem (N@Tschool). Als er verwezen wordt naar documenten kunt u deze vinden in N@Tschool bij 'Informatiebronnen'. U vindt hier altijd de meest recente versie van alle documenten. Hieronder treft u een overzicht van de gebruikte documenten:  Reader Monteur elektrotechnische installaties  Beoordelingslijst Monteur elektrotechnische installaties  Beoordelingslijst Nederlands 2F  Oefenopgaven rekenen 2F  Kwalificatiedossier van Kenteq, cohort 2013-2014  Examenreglement ROC Rivor Inloggen in N@Tschool kan via: diplomaroute.rocrivor.nl. Uw inloggegevens heeft u per mail van ons ontvangen. 1.3. Diploma-eisen Om in aanmerking te kunnen komen voor het diploma Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) moet u aan verschillende eisen voldoen. 1.3.1. Beroepsgerichte kwalificatie-eisen In de beroepsgerichte examenonderdelen wordt beoordeeld of uw kennis, houding en vaardigheden voldoen aan de kwalificatie-eisen uit het kwalificatiedossier Monteur elektrotechnische installaties. Het kwalificatiedossier is opgebouwd uit kerntaken. Deze kerntaken zijn onderverdeeld in werkprocessen. In totaal zijn er voor de kwalificatie Monteur elektrotechnische installaties 1 kerntaak en 7 werkprocessen: Kerntaak 1: Installeert technische installaties werkproces 1.1: Voorbereiden isolatie-/installatiewerkzaamheden werkproces 1.2: Assembleren van deelproducten werkproces 1.4: Demonteren van componenten, kabels/leidingen of isolatiemateriaal en afwerkmateriaal werkproces 1.6: Aanleggen kabels/leidingen werkproces 1.7: Plaatsen en monteren van componenten/isolatiematerialen werkproces 1.9: Beproeven van installatie werkproces 1.12: Afronden isolatie-/installatiewerkzaamheden De kwalificatie-eisen worden beoordeeld in de volgende beroepsgerichte examenonderdelen:  Het examen beroepsgerichte kennis;  De Proeve van Bekwaamheid. Let op: Deze examenonderdelen moeten met een voldoende worden beoordeeld om in aanmerking te komen voor het diploma Monteur elektrotechnische installaties. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 5 van 37 1.3.2. Nederlands Voor alle mbo-opleidingen is Nederlands verplicht. Om een diploma te behalen moet u voor Nederlands aan minimumeisen voldoen voor de vaardigheden lezen, luisteren, schrijven, spreken en gesprekken voeren. Deze minimumeisen staan beschreven in het Referentiekader taal en rekenen (Meijerink). Dit document vindt u in N@Tschool. Het niveau waarop u wordt beoordeeld is 2F. Let op: Uw eindresultaat voor de examens Nederlands telt mee voor het behalen van uw diploma. In hoofdstuk 6 leest u hier meer over. 1.3.3. Rekenen Ook rekenen is verplicht voor alle mbo-opleidingen. De minimumeisen die aan diverse rekenvaardigheden worden gesteld staan beschreven in het Referentiekader Taal en rekenen (Meijerink). Dit document vindt u in N@Tschool. Het niveau waarop u wordt beoordeeld is 2F. In het examen rekenen komen de volgende onderwerpen aan de orde: getallen, verhoudingen, meten en meetkunde en verbanden. Let op: U bent verplicht deel te nemen aan het examen rekenen maar het eindresultaat telt nog niet mee voor het behalen van uw diploma. Naar verwachting telt rekenen vanaf het schooljaar 2020/2021 mee voor de zakslaagbeslissing. Vanaf 1 oktober 2016 wordt rekenen centraal geëxamineerd. 1.3.4. Loopbaan en Burgerschap Naast Nederlands en rekenen is ook Loopbaan en Burgerschap een verplicht onderdeel van elke opleiding of diplomaroute op MBO-niveau. U doet geen apart examen in dit onderdeel. Tijdens de examens Nederlands schrijven, spreken en gesprekken voeren komen loopbaan- en burgerschapsonderwerpen aan de orde. Op de bijlage bij uw diploma vermelden we dat u voldaan heeft aan de inspanningseisen Loopbaan en Burgerschap. 1.3.5. Communicatie met de klant Als u via InstallatieWerk deelneemt aan het examen doet u nog een aanvullend examen ‘Communicatie met de klant’. Als u dit aanvullende examen haalt krijgt u een extra certificaat van InstallatieWerk. Het resultaat voor dit aanvullende examen telt niet mee voor het behalen van uw diploma. 1.4. Opbouw van de diplomaroute Een schematisch overzicht van de diplomaroute vindt u op de volgende pagina. De verschillende onderdelen worden in de hoofdstukken erna toegelicht:  De intake  Examen deel 1: schriftelijke examens  Examen deel 2: Proeve van Bekwaamheid en mondelinge examens.  Het centrale examen Nederlands TIP: Als u dit document digitaal (als pdf) bekijkt kunt u op de blokjes in het stroomschema klikken. U gaat dan direct naar de betreffende paragraaf toe. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 6 van 37 Diplomaroute Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) Let op: Het is niet verplicht om het centrale examen Nederlands luisteren en lezen pas aan het eind te maken. Als dit beter in uw planning past mag u beginnen met het centrale examen, en daarna pas deel 1 en 2 doen. Of u doet eerst deel 1, dan het centrale examen, en pas daarna deel 2. Kijk dus goed in welke periode u het centrale examen wilt doen, voordat u de andere examendelen plant. In hoofdstuk 5 leest u meer over de centrale examens. Generieke examens Beroepsgerichte examens Examen deel 2: Proeve van Bekwaamheid en mondelinge examens Nederlands gesprekken voeren Examen deel 1: schriftelijke examens Rekenen Centraal examen Nederlands luisteren en lezen De examencommissie beslist of u het diploma Monteur elektrotechnische installaties ontvangt. Eindgesprek Observatie in een gesimuleerde omgeving Beroepsgerichte kennis Inschrijving Controle intakeformulier, diploma’s en referenties Intakegesprek Controle werkervaring Nederlands schrijven Nederlands spreken Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 7 van 37 2. Intake 2.1. Het intakeformulier Nadat u ingeschreven bent bij Rivordiplomaroute ontvangt u een inlogcode voor N@Tschool. Zodra u ingelogd bent kunt u het digitale intakeformulier invullen. Op het intakeformulier vult u verschillende gegevens in, zoals uw persoonlijke gegevens en informatie over uw praktijkervaring. Uit het intakeformulier moet blijken of u voldoet aan de volgende toelatingseisen:  U bent 21 jaar of ouder.  U spreekt en schrijft Nederlands.  U voldoet aan de wettelijke vooropleidingseis en kunt dat aantoonbaar maken met een kopie van uw diploma of u beschikt over voldoende praktijkervaring waardoor u in aanmerking komt voor een toelatingsonderzoek.  U heeft in de afgelopen 2 jaar minimaal 400 uur praktijkervaring opgedaan.  U heeft voldoende praktijkervaring met alle aspecten waar een monteur elektrotechnische installaties mee te maken krijgt. Daarnaast moet u enkele bestanden uploaden zoals:  Een kopie van uw geldige paspoort of identiteitskaart. Let op: een kopie van uw rijbewijs beschouwen wij niet als een geldig identiteitsbewijs.  Een volledig ingevulde en ondertekende overeenkomst examendeelname. U moet de overeenkomst downloaden, afdrukken en invullen. Dan scant u de overeenkomst in of maakt u er een duidelijke foto van. Vervolgens uploadt u de ingevulde overeenkomst in N@Tschool.  Een kopie van uw diploma waarmee u voldoet aan de vooropleidingseis. Vooropleidingseis basisberoepsopleiding (niveau 2) Sinds 1 augustus 2014 zijn er voor de basisberoepsopleiding vooropleidingseisen. Dit houdt in dat iedereen die de basisberoepsopleiding wil volgen, aan de volgende vooropleidingseisen moet voldoen: - basisberoepsgerichte leerweg of kaderberoepsgerichte leerweg: u heeft een diploma lager beroepsonderwijs (lbo), voorbereidend beroepsonderwijs (vbo) of voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo); - theoretische leerweg: u heeft een mavo-diploma of vmbo-diploma; - gemengde leerweg: u heeft een diploma mavo-vbo of een vmbo-diploma; - u heeft een bewijs dat u de eerste 3 leerjaren van de havo of het vwo met gunstig gevolg heeft doorlopen. Wanneer u geen vooropleiding heeft genoten of niet beschikt over de benodigde diploma’s komt u in aanmerking voor een toelatingsonderzoek. U leest hier meer over in paragraaf 2.4. Als het formulier niet compleet of niet in orde is zullen wij u vragen de gegevens aan te vullen. 2.2. Controle werkervaring Op het intakeformulier heeft u referenties opgegeven. Om uw praktijkervaring te controleren belt een medewerker van Rivordiplomaroute de referenties op. Hij vraagt de referenties welke werkzaamheden u in uw functie heeft uitgevoerd en wanneer dat was. De medewerker vraagt niet hoe u functioneerde. Als uit de referentiecheck is gebleken dat uw praktijkervaring voldoet aan de ureneis wordt een afspraak met u gemaakt voor het telefonische intakegesprek. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 8 van 37 2.3. Het intakegesprek Het doel van het intakegesprek is te bepalen of u voldoende praktijkervaring heeft met alle aspecten waar een monteur elektrotechnische installaties mee te maken krijgt. De intake wordt telefonisch gedaan door een assessor van Rivordiplomaroute en duurt ongeveer een half uur. Ter voorbereiding op uw intake adviseren wij om deze handleiding goed door te lezen. U heeft dan een idee hoe de diplomaroute verloopt. De intaker zal gedurende de intake uitleg geven over de diplomaroute. Daarnaast vraagt de intaker naar praktijkvoorbeelden van uw werkervaring. De intaker vraagt per werkproces naar voorbeelden. Een overzicht van deze werkprocessen vindt u in hoofdstuk 1.3. De intaker zal u bijvoorbeeld vragen naar uw ervaring met het aanleggen van kabels en leidingen (werkproces 1.6) en de manier waarop u een klant informeert over het gebruik van een installatie (werkproces 1.12). Binnen enkele dagen na de intake krijgt u een bericht van Rivordiplomaroute waarin wordt aangegeven of uw praktijkervaring voldoet aan de toelatingseisen en of u door kunt gaan met de diplomaroute. Wanneer uw praktijkervaring onvoldoende is krijgt u een terugkoppeling waarin we aangeven op welke aspecten u uw praktijkervaring moet aanvullen. Om nog deel te kunnen nemen aan de diplomaroute moet u uw praktijkervaring binnen maximaal drie maanden na aanmelding aanvullen. Tijdens het intakegesprek plant de intaker een voorlopige afspraak met u in voor examen deel 1 en de centrale examens Nederlands (de Cito-examens). Als u door kunt gaan met de diplomaroute wordt deze afspraak definitief. Als u niet door kunt gaan met de diplomaroute vervalt deze afspraak. 2.4. Uitgebreid intakegesprek in verband met toelatingsonderzoek Wanneer u geen vooropleiding heeft genoten of niet beschikt over de benodigde diploma’s komt u in aanmerking voor een toelatingsonderzoek. Als een toelatingsonderzoek nodig is breiden we het intakegesprek uit. In dit uitgebreide intakegesprek gaat de intaker na:  of u voldoende gemotiveerd bent;  of u beschikt over voldoende werkervaring;  of u de Nederlandse taal beheerst. De intaker zal u bijvoorbeeld vragen waarom u dit diploma via een diplomaroute wil behalen, en of u voldoende tijd heeft voor zelfstudie. Omdat de examens Nederlands meetellen voor het behalen van uw diploma zal de intaker ook hierop letten. Na afloop van de intake legt de intaker een verzoek tot toelating voor aan de examencommissie. De examencommissie beslist vervolgens of u toegelaten wordt tot de diplomaroute. Als de examencommissie verwacht dat u de diplomaroute met succes kan doorlopen zal u worden toegelaten. Als de examencommissie hier ernstig aan twijfelt zal u afgewezen worden. U ontvangt deze uitslag per mail. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 9 van 37 3. Examen deel 1: schriftelijke examens 3.1. Algemeen Na een positief afgeronde intake maakt de intaker een afspraak met u voor Examen deel 1 en het centrale examen Nederlands (Cito). Er zijn verschillende examenlocaties in Nederland waar u terecht kunt voor Examen deel 1. Informatie over locaties en data vindt u in N@Tschool. Examen deel 1 duurt in totaal ongeveer 2,5 uur. Examen deel 1 bestaat uit de volgende schriftelijke examens:  Beroepsgericht: het examen beroepsgerichte kennis.  Generiek: het examen Nederlands schrijven en het examen rekenen. Let op:  Bij aanvang van examen deel 1 zal de surveillant u vragen een examenovereenkomst in te vullen en te ondertekenen.  Zorg ervoor dat u zich kunt legitimeren tijdens het examen met een paspoort of identiteitskaart.  Neem een kopie van uw paspoort of identiteitskaart mee.  Neem ook een pen en een rekenmachine mee.  Zorg ervoor dat u op tijd bent: als de examens begonnen zijn wordt u niet meer toegelaten.  Afmelden voor het examen wegens ziekte of een andere reden kan tot 24 uur van tevoren. Stuur uw afmelding naar diplomaroute@rocrivor.nl of bel met 0344-656256.  Wanneer u te laat bent of u zich niet tijdig afmeldt vervalt uw herkansingsmogelijkheid voor het examen beroepsgerichte kennis en de beroepsgerichte opdracht. Dit betekent dat u nog maar één mogelijkheid heeft om deze examens te behalen.  De uitslag van examen deel 1 wordt binnen twee weken per mail aan u bekend gemaakt. In de paragrafen hierna leest u meer over examen deel 1. De informatie over het centrale examen Nederlands staat in hoofdstuk 5. 3.2. Examen beroepsgerichte kennis Opdrachtbeschrijving: Met het examen beroepsgerichte kennis beoordelen we uw theoretische beroepskennis. Het examen bestaat uit 20 meerkeuzevragen en 10 open vragen. Duur: Maximaal 45 minuten. Voorbereiding: Achter in dit document vindt u een compleet voorbeeldexamen (bijlage B). Eisen: De vragen sluiten aan bij de kennis die verwacht mag worden op basis van de praktijkervaring die wij als toelatingseis hebben gesteld. De meeste vragen zijn gebaseerd op de reader Monteur elektrotechnische installaties, die u kunt vinden in N@Tschool. Ter voorbereiding is het verstandig de reader te bestuderen. De onderwerpen die aan de orde komen staan vermeld in bijlage A. Oordeel: Voor het examen beroepsgerichte kennis kunt u maximaal 40 punten behalen, één punt per meerkeuzevraag en twee punten per open vraag. Het eindoordeel is goed als u 33 of meer punten behaalt. Het eindoordeel is voldoende als u 26 t/m 32 punten behaalt. Bij minder dan 26 punten is het eindoordeel onvoldoende. Let op: Het eindoordeel van uw examen beroepsgerichte kennis moet minimaal voldoende zijn om door te kunnen gaan naar examen deel 2. Het examen beroepsgerichte kennis mag u maximaal één keer herkansen. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 10 van 37 3.3. Nederlands schrijven en taalverzorging Opdrachtbeschrijving: Het examen Nederlands schrijven en taalverzorging bestaat uit twee schrijfopdrachten. Duur: Maximaal 60 minuten. Voorbereiding: U kunt zich voorbereiden op het examen Nederlands schrijven door brieven en verslagen te schrijven. Hiervoor kunt u gebruik maken van het oefenexamen Nederlands schrijven. Deze kunt u vinden in N@Tschool onder ‘Informatiebronnen’. In hoofdstuk 6 leest u hier meer over. Eisen: Het taalgebruik moet voldoen aan de criteria van Nederlands schrijven en taalverzorging niveau 2F. Dit niveau betekent dat u samenhangende teksten kunt schrijven met een eenvoudige opbouw, over vertrouwde onderwerpen uit de (beroeps)opleiding en de maatschappij. In de “Beoordelingslijsten Nederlands 2F” kunt u lezen op basis van welke criteria u wordt beoordeeld. Oordeel: Voor het examen Nederlands schrijven en taalverzorging kunt u maximaal 14 punten behalen. Bij 7 punten of hoger heeft u het examen Nederlands schrijven en taalverzorging behaald. Het aantal punten wordt omgerekend tot een cijfer met één decimaal, bijvoorbeeld een 7,5 of een 5,9. 3.4. Examen rekenen Opdrachtbeschrijving: Het examen rekenen bestaat uit 12 meerkeuzevragen. Duur: Maximaal 20 minuten. Hulpmiddelen: U mag een rekenmachine en kladpapier gebruiken. Voorbereiding: U kunt zich voorbereiden op dit examen door de “Oefenopgaven rekenen 2F” te maken. Deze kunt u vinden in N@Tschool. Eisen: De rekenvaardigheid moet voldoen aan de criteria van rekenen niveau 2F. De vragen in het examen rekenen gaan over de volgende onderwerpen: getallen, verhoudingen, meten en meetkunde en verbanden. Oordeel: Het eindoordeel rekenen is goed als u 11 of 12 vragen juist heeft beantwoord. Het eindoordeel rekenen is voldoende als u 9 of 10 van de vragen goed heeft beantwoord. Het eindoordeel rekenen is onvoldoende als u minder dan 9 vragen goed heeft beantwoord. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 11 van 37 4. Examen deel 2: Proeve van bekwaamheid en mondelinge examens 4.1. Algemeen Als u het examen beroepsgerichte kennis uit examen deel 1 heeft gehaald mag u deelnemen aan examen deel 2. Er zijn verschillende examenlocaties in Nederland waar u terecht kunt voor Examen deel 2. Voor meer informatie over locaties en data kunt u contact opnemen met Rivordiplomaroute. Examen deel 2 bestaat uit de volgende examens:  Beroepsgericht: de Proeve van Bekwaamheid. De Proeve van bekwaamheid is een observatie van uw handelen in een gesimuleerde omgeving, gevolgd door een eindgesprek.  Generiek: het examen Nederlands spreken en het examen Nederlands gesprekken voeren. In de paragrafen hierna leest u meer over deze examens. Let op:  Afmelden voor het examen wegens ziekte of een andere reden kan tot 24 uur van tevoren. Stuur uw afmelding naar diplomaroute@rocrivor.nl of bel met 0344-656256.  Wanneer u zich niet tijdig heeft afgemeld vervalt uw herkansingsmogelijkheid voor de Proeve van Bekwaamheid. Dit betekent dat u nog maar één mogelijkheid heeft om deze examens te behalen. 4.2. Verloop van examen deel 2 Examen deel 2 bestaat uit een gesimuleerde praktijkopdracht in een praktijkruimte van ROC Rivor of InstallatieWerk. Deze praktijkopdracht voert u op twee dagen achter elkaar uit (dus bijvoorbeeld maandag en dinsdag, of donderdag en vrijdag). Een medewerker van Rivordiplomaroute overlegt met u over de datum voor de gesimuleerde praktijkopdracht. Het examen wordt op een aantal vaste momenten georganiseerd. Examen deel 2 verloopt als volgt: Gesimuleerde praktijkopdracht met eindgesprek (in een praktijkruimte van ROC Rivor) U voert in ongeveer 11 uur verschillende werkzaamheden uit, die in een opdracht beschreven staan. Er zijn twee assessoren aanwezig bij de praktijkopdracht. Voordat de praktijkopdracht begint, legt een van de assessoren in alle rust uit wat de bedoeling is. Wanneer u vragen heeft over het verloop van de dagen zullen de assessoren die graag vooraf beantwoorden. Een van de assessoren start de opdracht met een uitleg over de uit te voeren werkzaamheden. Deze assessor stelt zich dan op als uw leidinggevende. Op dat moment kunt u uw ‘leidinggevende’ ook vragen stellen over de opdracht. Daarna voert u de werkzaamheden uit. Tijdens de rest van de praktijkopdracht gedragen de assessoren zich onopvallend, zodat u uw werk rustig kunt uitvoeren. Aan het eind van de dag levert u het werk op aan de ‘opdrachtgever’. Een van de assessoren speelt de rol van opdrachtgever. Na de gesimuleerde praktijkopdracht houdt een van de assessoren met u een eindgesprek. Voordat het eindgesprek begint, legt de assessor u uit wat u kunt verwachten. Als u vragen hebt, stel ze dan gerust. Van het eindgesprek wordt een geluidsopname gemaakt. ROC Rivor gebruikt de geluidsopnames bij het borgen van de kwaliteit van de examens. Het eindgesprek na de gesimuleerde praktijkopdracht duurt ongeveer 30 minuten. Als deelnemer aan het examen via InstallatieWerk doet u na de praktijkopdracht nog een aanvullend examen ‘Communicatie met de klant’. De assessor speelt de rol van klant. Hij voert een klantgesprek met u. Hij vraagt u bijvoorbeeld om advies over een situatie in zijn huis. Nederlands – spreken en gesprekken voeren Examen deel 2 wordt afgesloten met de examens Nederlands spreken en gesprekken voeren. Deze examens duren bij elkaar ongeveer 15 minuten. Van deze examens wordt een geluidsopname gemaakt. Let op: De examens Nederlands spreken en gesprekken voeren tellen mee voor het diploma. Bereid dus ook deze examens goed voor! Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 12 van 37 4.3. Gesimuleerde praktijkopdracht Tijdens de gesimuleerde praktijkopdracht wordt u geobserveerd door twee assessoren bij het uitvoeren van een installatieopdracht voor één klant. U legt bijvoorbeeld een elektrische installatie in een keuken of garage aan. U voert het werk uit, zoals u dat normaal ook zou doen. De assessoren observeren en beoordelen uw competenties. De verschillende onderdelen van de opdracht worden hierna toegelicht. Tijdsduur: ongeveer 11 uur (verdeeld over 2 dagen) Toegestane hulpmiddelen: de voor deze werkzaamheden gebruikelijke gereedschappen en persoonlijke beschermingsmiddelen. 4.3.1. Installatiewerkzaamheden voorbereiden (werkproces 1.1) Een van de assessoren start de opdracht met een uitleg over de uit te voeren werkzaamheden. Hij verstrekt u de opdracht met de bijbehorende tekeningen en schema’s. Op basis van deze gegevens vult u een materialen/gereedschappenlijst in en verzamelt u de benodigde informatie (zoals bedieningsvoorschriften), materialen en gereedschappen. U verdiept zich in de opdracht en bespreekt uw werkaanpak daarna met uw ‘leidinggevende’, de assessor. Tijdens de werkvoorbereiding beoordelen de assessoren uw materialenlijst en verzamelde informatie, de manier waarop u overlegt over de werkaanpak en hoe u uw werkplek voorbereidt. 4.3.2. Installatiewerkzaamheden uitvoeren (werkproces 1.2, 1.4, 1.6, 1.7 en 1.9) De installatieopdracht bestaat uit verschillende werkzaamheden, namelijk:  U controleert onderdelen van een installatie op beschadiging en assembleert daarna de onderdelen.  U demonteert onderdelen (deelproducten, bedrading en/of bekabeling) van een installatie, controleert en repareert deze.  U legt kabels/leidingen aan  U plaatst en monteert componenten en/of isolatiematerialen  U beproeft de installatie Tijdens de installatieopdracht beoordelen de assessoren uw technisch inzicht en of u een logische werkvolgorde hanteert. Ook beoordelen de assessoren of en hoe u tests en controles uitvoert. Daarnaast beoordelen de assessoren of u uw gereedschappen en materialen goed gebruikt en of u veilig, nauwkeurig en snel werkt. Ook beoordelen de assessoren of u werkt volgens instructies en voorschriften. Dit zijn bijvoorbeeld Arbo-, milieu- en veiligheidsvoorschriften, maar ook voorschriften van de fabrikant. De assessor beoordeelt ook hoe u samenwerkt en afstemt met anderen. Ten slotte beoordelen de assessoren of het (deel)product voldoet aan de tekening, opdracht en kwaliteitseisen. 4.3.3. Werkzaamheden afronden (werkproces 1.12) Na afloop van de werkzaamheden ruimt u uw werkplek op. Vervolgens informeert u de ‘klant’ (de assessor) over de uitgevoerde werkzaamheden. U legt de klant uit wat u gedaan heeft en hoe hij de installatie moet gebruiken. Eventuele vragen van de klant beantwoordt u. Ten slotte vult u uw werkbon in. Tijdens het afronden van de werkzaamheden beoordelen de assessoren of u afvalmaterialen, overgebleven materialen, gereedschappen en materieel volgens voorschriften afvoert en de werkplek schoon en opgeruimd achterlaat. Ook beoordelen de assessoren of u de klant duidelijk informeert over de bediening en het gebruik van de installatie, of u vragen correct beantwoordt en navraagt of de klant tevreden is over het proces en het eindresultaat. Ten slotte beoordelen de assessoren of u de werkbon compleet, correct en volgens voorschriften invult. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 13 van 37 4.3.4. Aanvullend examen InstallatieWerk: Communicatie met de klant Als u via InstallatieWerk deelneemt aan het examen doet u na de praktijkopdracht nog een aanvullend examen ‘Communicatie met de klant’. De ‘klant’ (een van de assessoren) voert een gesprek met u. Dit gesprek duurt ongeveer 10 minuten. Van dit examen wordt een geluidsopname gemaakt. De klant begint een gesprek met u. Dit gesprek gaat niet over de uitgevoerde werkzaamheden. De klant heeft een andere vraag. De klant vraagt u bijvoorbeeld om advies over een situatie in zijn huis. Of hij wil uw mening horen over de kwaliteit van een duurzaam product. Tijdens het gesprek bent u het visitekaartje van het bedrijf. Misschien kan het gesprek leiden tot een extra opdracht. U probeert na te gaan of de klant hierin geïnteresseerd is. Als de klant geïnteresseerd is probeert u tot een concrete afspraak te komen. De assessor beoordeelt of u dienstverlenend reageert, uw benadering afstemt op de klant en of u vriendelijk en beleefd blijft. Ook beoordeelt de assessor of u actief vragen stelt aan de klant om zijn wensen in kaart te brengen en om te controleren of hij tevreden is. Daarnaast beoordeelt de assessor of u kansen voor verkoop of meerwerk ziet en deze onder de aandacht brengt van de klant. Ook beoordeelt de assessor of u volgens de regels, normen en waarden van het bedrijf handelt. Ten slotte beoordeelt de assessor of u de klant vriendelijk en duidelijk informeert over de afhandeling van zijn verzoek. 4.4. Eindgesprek Een van de assessoren stelt u tijdens het eindgesprek na afloop van de gesimuleerde praktijkopdracht vragen over verschillende onderwerpen. In de beoordelingsformulieren kunt u opzoeken over welke onderwerpen u vragen krijgt. De assessor stelt u bijvoorbeeld vragen over de controles die u uitvoert en hoe u ervoor zorgt dat u niets beschadigt. Of hij stelt u vragen over de eisen die gelden voor het buiten bedrijf stellen of testen van een installatie. Mogelijk vraagt hij u waaruit blijkt dat uw installatie voldoet aan eisen in NEN 1010. Ook kan de assessor u vragen stellen over veiligheid, of vraagt hij u om een werktekening uit te leggen. 4.5. Beoordeling van de Proeve van Bekwaamheid De assessoren beoordelen uw handelen tijdens de observatie en uw antwoorden bij het eindgesprek met behulp van de beoordelingsformulieren Monteur elektrotechnische installaties. Deze beoordelingsformulieren vindt u in N@Tschool onder ‘Informatiebronnen’. De beoordelingsformulieren zijn gebaseerd op de kwalificatie-eisen uit het kwalificatiedossier Monteur elektrotechnische installaties. De assessoren beoordelen een beoordelingscriterium met V (voldoende) of O (onvoldoende). Als 75 tot 100% van de criteria van een werkproces voldoende is, is het werkproces voldoende. Sommige beoordelingscriteria zijn cruciaal. Voor deze beoordelingscriteria moet u een V halen om een voldoende te halen voor het werkproces. Voor het eindresultaat geldt:  De kerntaak is onvoldoende als één of meer werkprocessen onvoldoende zijn.  De kerntaak is voldoende als alle werkprocessen voldoende zijn en 75 tot 95% van de criteria voldoende is.  De kerntaak is goed als alle werkprocessen voldoende zijn en 95 tot 100% van alle criteria voldoende is. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 14 van 37 4.6. Examens Nederlands spreken en gesprekken voeren 4.6.1. Examen Nederlands spreken Na afloop van het interview van examen deel 2 wordt spreken beoordeeld. Opdrachtbeschrijving: U krijgt een spreekopdracht die minimaal 4 tot 6 minuten duurt en waarbij (vrijwel) alleen u aan het woord bent. Duur: 4 tot 6 minuten. Voorbereiding: U kunt zich voorbereiden door de spreekopdracht te oefenen. In bijlage C vindt u de spreekopdracht die u ook tijdens het examen krijgt. In hoofdstuk 6 leest u hoe u het spreken kunt oefenen. Eisen: Het taalgebruik moet voldoen aan de criteria van Nederlands spreken 2F. Dit niveau betekent dat u redelijk vloeiend en helder ervaringen, gebeurtenissen, meningen, verwachtingen en gevoelens onder woorden kunt brengen over onderwerpen uit de (beroeps)opleiding en de maatschappij. In de “Beoordelingslijsten Nederlands 2F” kunt u lezen op basis van welke criteria u wordt beoordeeld. Oordeel: Voor het examen Nederlands spreken kunt u maximaal 12 punten behalen. Bij 6 punten of hoger heeft u het examen Nederlands spreken behaald. Het aantal punten wordt omgerekend tot een cijfer met één decimaal, bijvoorbeeld een 7,5 of een 5,9. 4.6.2. Examen Nederlands gesprekken voeren Opdrachtbeschrijving: U voert een gesprek met de assessor over uw rol als burger in de Nederlandse maatschappij. De assessor legt u verschillende vragen en stellingen voor. Hij vraagt u te antwoorden op de vraag, of te reageren op de stelling. Daarna reageert hij op wat u zegt. Bijvoorbeeld door u een vervolgvraag te stellen. Op deze manier komt u met elkaar in gesprek. Duur: 10 minuten Voorbereiding: In bijlage D vindt u de onderwerpen die tijdens het gesprek aan de orde kunnen komen. U kunt zich voorbereiden op het examen gesprekken voeren door alvast na te denken over deze onderwerpen. In hoofdstuk 6 leest u hoe u het voeren van gesprekken kunt oefenen. Eisen: Het taalgebruik moet voldoen aan de criteria van Nederlands gesprekken voeren 2F. Dit niveau betekent dat u uw persoonlijke mening kunt geven, informatie kunt uitwisselen en gevoelens onder woorden kunt brengen in gesprekken over alledaagse en niet alledaagse onderwerpen uit uw leefwereld en (beroeps)praktijk. Bijvoorbeeld over het vrijwilligerswerk dat u doet. Of over uw rechten en plichten als werknemer. In de “Beoordelingslijsten Nederlands 2F” kunt u lezen op basis van welke criteria u wordt beoordeeld. Oordeel: Voor het examen Nederlands gesprekken voeren kunt u maximaal 12 punten behalen. Bij 6 punten of hoger heeft u het examen Nederlands gesprekken voeren behaald. Het aantal punten wordt omgerekend tot een cijfer met één decimaal, bijvoorbeeld een 7,5 of een 5,9. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 15 van 37 5. Centraal examen 5.1. Algemeen Naast de examens deel 1 en 2 neemt u deel aan het centrale examen Nederlands luisteren en lezen, het Cito examen. Na de intake zal de intaker een afspraak met u maken voor het Cito examen. Het centrale examen Nederlands luisteren en lezen vindt plaats bij ROC Rivor, Bachstraat 1 in Tiel. Het centrale examen Nederlands luisteren en lezen duurt in totaal ongeveer 1,5 uur en bestaat uit één examen. De afnameperiodes voor het centrale examen Nederlands luisteren en lezen worden landelijk vastgesteld. Per schooljaar worden er ongeveer vier afnameperiodes aangewezen. De examens voor 2015-2016 zijn:  op woensdag 4 november 2015  op donderdag 7 januari 2016  op woensdag 16 maart 2016  op woensdag 11 mei 2016 Let op:  Alleen tijdens de vastgestelde periodes kunt u deelnemen aan de centrale examens! Als u zich te laat aanmeldt voor een periode kunnen we u niet meer inschrijven. Dit betekent dat u pas in de volgende periode examen kunt doen.  Het is niet verplicht om het centrale examen Nederlands luisteren en lezen pas aan het einde van de diplomaroute te maken. Als dit beter in uw planning past mag u beginnen met het centrale examen, en daarna pas deel 1 en 2 doen. Of u doet eerst deel 1, dan het centrale examen, en pas daarna deel 2. Kijk dus goed in welke periode u het centrale examen wilt doen, voordat u de andere examendelen plant.  Zorg ervoor dat u zich kunt legitimeren tijdens het examen.  Zorg ervoor dat u op tijd bent: als de examens begonnen zijn wordt u mogelijk niet meer toegelaten. Wij adviseren u om minimaal 15 minuten voor aanvang aanwezig te zijn.  Afmelden voor het examen wegens ziekte of een andere reden kan tot 24 uur van tevoren. Stuur uw afmelding naar diplomaroute@rocrivor.nl of bel met 0344-656256 (tussen 08:30 en 13:00 uur).  Wanneer u te laat bent of u zich niet tijdig afmeldt vervalt uw eerste herkansingsmogelijkheid voor het examen Nederlands luisteren en lezen. Dit betekent dat u nog maar twee mogelijkheden heeft om het examen Nederlands luisteren en lezen te behalen.  De uitslag van het centrale examen wordt binnen acht weken per mail aan u bekendgemaakt. In de paragraaf hierna leest u meer over het centrale examen. 5.2. Examen Nederlands luisteren en lezen Opdrachtbeschrijving: U krijgt ongeveer vijf verschillende leesteksten op de computer. U krijgt u ongeveer drie kijk-luisterteksten. Bij deze teksten moet u meerkeuzevragen beantwoorden. Duur: Maximaal 90 minuten. Voorbereiding: In hoofdstuk 6 leest u hoe u het luisteren en lezen kunt oefenen. Eisen: Het taalgebruik moet voldoen aan de criteria van lezen 2F en luisteren 2F. Dit niveau betekent dat u teksten over alledaagse onderwerpen, onderwerpen die aansluiten bij uw leefwereld en onderwerpen die verder van u af staan kunt lezen en begrijpen. Bij het luisteren naar teksten over alledaagse onderwerpen, onderwerpen die aansluiten bij uw leefwereld en onderwerpen die verder van u af staan begrijpt u waar het over gaat. Oordeel: Voor het centrale examen Nederlands luisteren en lezen kunt u maximaal 85 punten behalen. Bij 54 punten of hoger heeft u het examen Nederlands luisteren en lezen behaald. Het aantal punten wordt omgerekend tot een cijfer met één decimaal, bijvoorbeeld een 7,5 of een 5,9. De berekening van dit cijfer (de cesuur) wordt landelijk vastgesteld aan het eind van een afnameperiode. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 16 van 37 6. Extra toelichting bij de examens Nederlands 6.1. Eindresultaat Nederlands Uw eindresultaat voor de examens Nederlands telt mee voor het behalen van uw diploma. Het eindresultaat voor Nederlands wordt bepaald nadat alle onderdelen van Nederlands zijn afgerond. Uw eindresultaat voor Nederlands moet minimaal een 5 zijn om uw diploma te kunnen halen. Het eindresultaat voor Nederlands is het gemiddelde van de schoolexamens en het centrale examen. Dit gemiddelde komt als volgt tot stand: Stap 1: Het cijfer instellingsexamens wordt berekend. Dit cijfer is het gemiddelde van de cijfers voor de examens Nederlands schrijven, spreken en gesprekken voeren. Stap 2: Het cijfer centrale examens wordt berekend. U krijgt één cijfer voor het centrale examen Nederlands luisteren en lezen. Stap 3: Het cijfer centraal examen wordt gemiddeld met het cijfer instellingsexamens. Hier komt één afgerond cijfer uit. Dit is uw eindresultaat Nederlands. De uitslag van de instellingsexamens Nederlands (schrijven, spreken en gesprekken voeren) is binnen twee weken bekend. Het duurt langer voordat de resultaten van het centrale examen luisteren en lezen bekend worden. U moet hier ongeveer acht weken op wachten. Dit duurt zo lang, omdat de centrale examens worden nagekeken door Cito. Nadat de examens van een periode zijn afgenomen analyseert Cito hoe alle kandidaten de opgaven beantwoord hebben. Als een opgave achteraf niet goed is of niet meet wat hij zou moeten meten telt de opgave niet mee. Voor de analyse van de examens en het corrigeren van de resultaten heeft Cito tijd nodig. 6.2. Nederlands oefenen 6.2.1. Oefenen met proefexamens en Got it?! Veel deelnemers onderschatten de examens Nederlands. Omdat u minimaal een 5 moet halen om uw diploma te kunnen halen is het verstandig om vooraf uitgebreid te oefenen. Wij adviseren u dringend om gebruik te maken van de oefenexamens Nederlands. Voor het Cito examen lezen en luisteren kunt u via deze link oefenexamens maken. U doet examen op niveau 2F. Daarnaast kunt u gebruik maken van het oefenexamen Nederlands schrijven. Dit oefenexamen vindt u in N@Tschool onder ‘Informatiebronnen’. In paragraaf 6.2.2 vindt u meer tips ter voorbereiding. Als uit de oefenexamens blijkt dat u meer oefening nodig heeft kunt u een inlogcode aanschaffen voor Got it?!, de online leeromgeving voor taal (en rekenen) van ThiemeMeulenhoff. U kunt de inlogcode aanschaffen bij ThiemeMeulenhoff. Hiervoor heeft u een bestelinstructie per mail ontvangen. Deze instructie kunt u ook Cijfer centraal examen (Nederlands luisteren en lezen) Cijfer instellingsexamens Eindresultaat Nederlands Cijfer Nederlands schrijven Cijfer Nederlands spreken Cijfer Nederlands Gesprekken voeren Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 17 van 37 vinden bij de informatiebronnen in N@Tschool. De inlogcode kost €15,00. Bij de inlogcode krijgt u ook een korte uitleg over het gebruik van Got it?!. Als u voor het eerst inlogt maakt u instaptoetsen voor de verschillende onderdelen. Op basis van uw resultaten voor de instaptoets stelt Got it?! een oefenprogramma samen dat past bij uw taalniveau. Let op: Voor de instaptoetsen moet u wel even de tijd nemen. U kunt in één keer alle instaptoetsen maken. Maar u kunt er ook voor kiezen om elke instaptoets apart te maken. Na de instaptoetsen toont Got it?! uw taalniveau per onderdeel op een schaal van 0 tot 100%. Zo kunt u zien hoeveel u nog moet oefenen. U ziet bijvoorbeeld “Spreken 90%”. Dat betekent dat u bijna op het gewenste niveau (2F) voor het onderdeel spreken bent. Of u ziet “Schrijven 17%”. Dat betekent dat u nog veel moet oefenen om op het gewenste niveau te komen voor het onderdeel schrijven. TIP: Maak de instaptoets zo snel mogelijk na aanmelding voor deze diplomaroute. Dan weet u ook snel of u nog veel moet oefenen, of dat u al snel aan de examens Nederlands kunt deelnemen. In Got it?! staan veel onderwerpen die niet direct geëxamineerd worden. Een voorbeeld: bij het onderdeel ‘Spelling en grammatica’ krijgt u ook informatie over zinsbouw en het ontleden van zinnen. Het is goed om te weten hoe een zin opgebouwd wordt, maar in het examen krijgt u hier geen vragen over. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor rijmschema’s. Hieronder staat een overzicht van onderwerpen in Got it?! die u kunnen helpen bij de voorbereiding op de examens Nederlands*: wel doen niet nodig eventueel Mondelinge taalvaardigheid Luisteren alles Spreekvoorbereiding alles Spreekopdrachten eventueel Lezen Fictie - alles Non-fictie alles Schrijven Schrijfvoorbereiding alles Schrijfopdrachten eventueel Spelling en grammatica Spelling alles - Grammatica interpunctie, werkwoorden woordsoorten, grammaticale begrippen uit grammaticale begrippen: "hoofd- en bijzinnen herkennen" *LET OP: dit overzicht is een algemeen advies. Het hangt van de resultaten van uw eigen instaptoets af welke oefeningen belangrijk zijn. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 18 van 37 6.2.2. Voorbereiden op de instellingsexamens schrijven, spreken en gesprekken voeren Als u voldoende heeft geoefend kunt u deelnemen aan de instellingsexamens schrijven, spreken en gesprekken voeren. Het is verstandig om u apart op deze examens voor te bereiden. Schrijven Een oefenexamen Nederlands schrijven vindt u in N@Tschool onder ‘Informatiebronnen’. Daarnaast kunt u zich voorbereiden op het examen schrijven door brieven en verslagen te schrijven. Schrijf bijvoorbeeld een brief aan uw werkgever. Of schrijf een verslag van een personeelsuitje. Vraag daarna aan iemand in uw omgeving, die het Nederlands goed beheerst, om uw brief of verslag te beoordelen met de beoordelingslijst Nederlands schrijven. Deze beoordelingslijst vindt u in N@Tschool. Vraag ook om tips die u kunt gebruiken om nog beter te schrijven. Spreken Op het examen Nederlands spreken bereidt u zich voor met behulp van de spreekopdracht uit bijlage C. U kunt de presentatie oefenen door deze hardop uit te spreken, de tijd op te nemen, etc. Vraag aan iemand in uw omgeving, die het Nederlands goed beheerst, om naar uw presentatie te luisteren. Vraag deze persoon om de presentatie te beoordelen met de beoordelingslijst Nederlands spreken. Deze beoordelingslijst vindt u in N@Tschool. Vraag ook om tips die u kunt gebruiken tijdens het examen spreken. Gesprekken voeren Op het examen Nederlands gesprekken voeren bereidt u zich voor door de onderwerpen uit bijlage D door te lezen. U kunt het voeren van gesprekken oefenen door met iemand in uw omgeving, die het Nederlands goed beheerst, over deze onderwerpen een gesprek te voeren. Vraag deze persoon om de presentatie te beoordelen met de beoordelingslijst Nederlands gesprekken voeren. Deze beoordelingslijst vindt u in N@Tschool. Vraag ook om tips die u kunt gebruiken tijdens het examen gesprekken voeren. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 19 van 37 7. Examenregeling 7.1. Herkansing Wanneer u op grond van de beoordeling niet voor diplomering in aanmerking komt kunt u de beroepsgerichte examenonderdelen één keer herkansen. Dit betekent dat u:  het examen beroepsgerichte kennis 1 keer mag herkansen;  de Proeve van Bekwaamheid 1 keer mag herkansen. Hierbij geldt dat alle eerder behaalde resultaten voor het onderdeel komen te vervallen. Dit betekent dat het onderdeel in zijn geheel opnieuw wordt beoordeeld. De examens Nederlands kunt u twee keer herkansen. Hiervoor worden extra kosten in rekening gebracht. Een herkansing Nederlands kost 75 euro. Let op:  Herkansingsmogelijkheden vervallen wanneer u zich niet tijdig heeft afgemeld voor een examen.  U heeft altijd een mogelijkheid om het examen in te zien. Inzage vindt plaats in Zaltbommel. Hiervoor kunt u een afspraak maken met één van onze medewerkers. 7.2. Diplomering Om voor een diploma in aanmerking te komen moet u aan de volgende voorwaarden voldoen: 1. Het eindoordeel beroepsgerichte examinering moet voldoende zijn. Dit betekent dat:  het beroepsgerichte examen minimaal voldoende moet zijn;  de einduitslag van alle werkprocessen minimaal voldoende moet zijn. 2. Het eindresultaat voor Nederlands moet minimaal een 5 zijn. 3. U moet hebben deelgenomen aan het examen rekenen. 4. U moet hebben voldaan aan uw inspanningseis voor Loopbaan en burgerschap. Hieraan heeft u voldaan door deelname aan de examens Nederlands schrijven, spreken en gesprekken voeren. ROC Rivor zal het diploma vervaardigen en aangetekend per post versturen. 7.3. Aangepaste examens Bij deelnemers met een functiebeperking, zoals dyslexie of dyscalculie, kunnen procedures en faciliteiten worden aangepast. Als u dit wenst kunt u bij aanvang van de diplomaroute een verzoek richten aan de examencommissie. 7.4. Klacht of bezwaar Neemt u bij vragen of opmerkingen s.v.p. eerst telefonisch of via e-mail contact op met Rivordiplomaroute. Waar mogelijk zullen wij u direct helpen. Als u er op deze manier niet uitkomt, kunt een formele klacht of een formeel bezwaar indienen. Indien u het niet eens bent met de beoordeling van een examen, dan wel klachten heeft over de examenomstandigheden, de (weg tot) toelating tot het examen of een opgelegde sanctie naar aanleiding van onregelmatigheden kunt u een bezwaar tegen een schriftelijke beslissing en in overige gevallen een klacht indienen bij de Examencommissie van Rivordiplomaroute. Uw schriftelijke klacht of bezwaarschrift moet het volgende bevatten:  naam en adres van de indiener;  naam van het examen(onderdeel);  datum waarop het examen(onderdeel) is afgenomen;  datum van de indiening; Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 20 van 37  omschrijving van de maatregel of beslissing waartegen de klacht of het bezwaar wordt ingediend (kopie meesturen);  de gronden van de klacht of het bezwaar (motivering). Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 21 van 37 U kunt uw bezwaar of klacht binnen tien dagen versturen aan de examencommissie: ROC Rivor T.a.v. Examencommissie Rivordiplomaroute Postbus 365 4000 AJ Tiel 7.5. Beroep Wanneer u zich niet kunt vinden in de uitspraak van de examencommissie op het bezwaar of de klacht, kunt u zich richten tot de Commissie van Beroep voor de Examens. U tekent dan beroep aan. Het beroepschrift moet het volgende bevatten:  naam en adres van de indiener;  naam en datum van het examen(onderdeel);  datum waarop het examen(onderdeel) is afgenomen;  datum van indiening;  de uitspraak van de examencommissie (kopie meesturen);  de gronden van het beroep (motivering). U kunt uw beroepschrift binnen tien dagen aangetekend versturen aan: De Commissie van Beroep voor de Examens ROC Rivor T.a.v. de Bestuurssecretaris Postbus 365 4000 AJ Tiel Voor meer informatie zie “examenreglement ROC Rivor” . 7.6. Deelnemerstevredenheid Rivordiplomaroute vraagt u deel te nemen aan een enquête over deelnemerstevredenheid. Rivordiplomaroute hecht er veel waarde aan om de kwaliteit van de assessoren te bewaken en waar mogelijk te verbeteren. Om dit te bereiken kunt u door Rivordiplomaroute gebeld worden om uw ervaring met de assessor te vernemen. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 22 van 37 Bijlage A: Onderwerpen examen beroepsgerichte kennis Onderwerp Het onderwerp begrijpen Opgaven kunnen maken met gebruik van (gegeven) formules Rekenen +, -, x, ÷ X X Rekenen breuken oplossen X X Rekenen verhoudingen berekenen X X Rekenen procenten X X Rekenen lengtematen berekenen X X Lading en stroom X Elektrisch spanningsverschil X X Geleiders en isolatoren X X Productie van elektriciteit X X Elektrische energiebronnen X X Wet van Ohm X X Weerstand van geleiders X X Serieschakeling X X Parallelschakeling X Gemengde schakeling (eenvoudig) X Elektrische energie (KWh) X Elektrisch vermogen/arbeid X Spanningsbronnen X Serieschakeling van spanningsbronnen (accuset, noodverlichting) X Parallelschakeling van spanningsbronnen X Eenvoudige meetinstrumenten (multimeter: spanning/stroom (AC/DC) en Ohms) X Magnetisch veld X Magnetisme X Elektromagnetisme/motorprincipe/relais X Inductiespanning X Generatorprincipe X Frequentie en periodetijd X Effectieve waarde en Ohmse belasting X Spoel (gedrag/gebruik) X Condensator (gedrag/gebruik) X Waarheidstabel X Schakelfuncties X Symbolen/poorten (overzicht logische functies) X Driefasenwisselspanning X Sterschakeling X Driehoekschakeling X Belasting van de fasen van een 3-fasen wisselstroomnet X Aardlekschakelaar X Opgenomen vermogen bij belasting in Y- en Δ-schakeling X Fase-onderbreking in Y- en Δ-schakelingen X Eenfasetransformator (opbouw en werking) X Soorten transformatoren X Diode / gelijkrichting X Elektrotechnische tekeningen en schema’s lezen X X Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 23 van 37 Bijlage B: Voorbeeldexamen beroepsgerichte kennis Bij onderstaande vragen is één antwoord juist of het meest juist. Kies het (meest) juiste antwoord. Lading, spanning en stroom 1. Een elektrische boiler neemt in een half uur 10.800 coulomb lading op. Wat is de stroomsterkte geweest? a. 6 A b. 0,6 A c. 12 A d. 1,2 A 2. Een elektrische kachel neemt een stroom op van 9,8 A en is gedurende twintig uur in bedrijf. Hoeveel elektriciteit is aan de kachel toegevoerd? 3. Gegeven zijn de potentialen van de klemmen A, B en C. Wat is het potentiaal verschil van UAB en UBC? a. UAB = -9 Volt en UBC=-14 Volt b. UAB = 3 Volt en UBC= -14 Volt c. UAB = 9 Volt en UBC= 2 Volt d. UAB = -3 Volt en UBC= -2 Volt Wet van Ohm 4. Op een lampje staat aangegeven: 6 V – 0,4 A. Wat is de weerstand van dit lampje? a. 1,5 Ω b. 2,4 Ω c. 15 Ω d. 24 Ω 5. Een soldeerbout heeft een weerstand van 920 Ω en wordt op een spanning van 230 V aangesloten. Teken het schema en zet de gegevens erbij. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 24 van 37 6. Hoe groot is de stroomsterkte die de soldeerbout van vraag 5 opneemt? a. 40A b. 4A c. 0,25A d. 0,025A 7. Door een halogeenlamp van 12 V, die gebruikt wordt in een spotje, vloeit een stroom van 1,7A. Bereken de weerstand van de halogeenlamp. a. 6,2 Ω b. 7,1 Ω c. 10,4 Ω d. 20,4 Ω. Weerstand van geleiders Tabel Soortelijke weerstand van een aantal materialen Materiaal Soortelijke weerstand ρ (Ω.m/m2) aluminium 0,03 x 10–6 constantaan 0,5 x 10–6 koolstof 600 x 10–6 koper 0,0175 x 10–6 lood 0,21 x 10–6 manganine 0,42 x 10–6 messing 0,07 x 10–6 nichroom 1 x 10–6 nikkeline 0,44 x 10–6 staal 0,12 x 10–6 zilver 0,016 x 10-6 8. We meten van een koperen leiding de weerstand met een ohmmeter. De weerstand R l = 0,03 Ω bij 15 °C. De diameter is 4,5 mm, zie afbeelding. Bereken de lengte van de leiding. a. 7,7 m. b. 77 m. c. 27,25 m. d. 272,5 m. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 25 van 37 9. Voor een meetweerstand is 12,85 m weerstandsdraad met een diameter van 0,6 mm gebruikt. De meetweerstand heeft een weerstand van 20 Ω. Van welk materiaal is de meetweerstand gemaakt? a. Nikkeline b. Nichroom c. Staal d. Manganine 10. Een toestel is aangesloten met een twee-aderige kabel met koperen geleiders. De lengte van de kabel is 343 m. De kabel heeft een weerstand van 3 Ω. De geleiders zijn rond. Wat is de doorsnede (oppervlakte) van één geleider van deze kabel? 11. Drie weerstanden zijn in serie geschakeld. R 1 = 6 Ω, R 2 = 14 Ω en R 3 = 4 Ω. De deelspanning U 2 over R 2 = 7 V. Teken het schema inclusief Utot en bereken I, U1, U3 en Utot. 12. 15 lampjes van een kerstboom branden in serie op een voedingsspanning van 230 V. Wat gebeurt er als in lampje E11 een kortsluiting optreedt? a. Er verandert helemaal niets. b. Stroom wordt nul lampjes gaan uit. c. Stroom en spanning van de lampjes worden groter. d. Stroom en spanning bij de overige drie lampjes blijven gelijk. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 26 van 37 13. 15 lampjes van een kerstboom branden in serie op een voedingsspanning van 230 V. Wat gebeurt er als één lampje E11 stuk gaat? a. Er verandert helemaal niets. b. Stroom wordt nul lampjes gaan uit. c. Stroom en spanning van de lampjes worden groter. d. Stroom en spanning bij de overige drie lampjes blijven gelijk. Parallelschakeling 14. Drie weerstanden zijn parallel geschakeld op een spanning van 60 V. R 1 = 2,2 kΩ R 2 = 5,6 kΩ R 3 = 3,3 kΩ Teken het schema. 15. Hoe groot zijn de stromen I1, I2 en I3 in de weerstanden uit vraag 14? a. I1=27A, I2= 10,7A, I3=18,8A b. I1=18,8A, I2= 10,7A, I3=27A c. I1=18,8mA, I2= 10,7mA, I3=27mA d. I1=27mA, I2= 10,7mA, I3=18,8mA Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 27 van 37 16. Lees de stellingen. Voor een parallelschakeling van weerstanden geldt: I. De stroom is overal gelijk. II. De totale spanning is de som van de deel spanningen. a. I is juist, II is onjuist. b. I is onjuist, II is juist. c. I en II zijn beide juist. d. I en II zijn beide onjuist. 17. Op een elektrische kookplaat zijn vier gelijke verwarmingselementen parallel geschakeld en aangesloten op 230 V. De totale stroomsterkte is 26,4 A. De verwarmingselementen zijn verdeeld over twee groepen (kookgroep). Bereken de vervangingsweerstand per groep en de weerstand van één verwarmingselement. a. 26,1 Ω en 52,2 Ω. b. 13,1 Ω en 26,2 Ω. c. 8,7 Ω en 34,8 Ω. d. 26,2 Ω en 13,1 Ω. 18. Lees de stellingen. Voor een wisselspanning geldt: I. Een wisselspanning en een wisselstroom veranderen periodiek van grootte maar niet van richting. II. De effectieve waarde van een wisselspanning is die gelijk aan de maximale waarde. a. I is juist, II is onjuist. b. I is onjuist, II is juist. c. I en II zijn beide juist. d. I en II zijn beide onjuist. Elektrische energie en vermogen 19. Hoeveel energie verbruikt een straalkachel van 1800 W in 15 minuten? a. 1620 KJoule b. 162 KJoule c. 27 KJoule d. 2700 KJoule Wisselspanningen Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 28 van 37 20. Een verbruik toestel aangesloten op 230 V neemt een stroom op van 16 A. Het toestel is gemiddeld per dag vier uur in gebruik. Bereken het vermogen in kW en het energieverbruik in MJ per dag. 21. Als een toestel is aangesloten op 230 V neemt het een vermogen op van 1000 W.  Bereken de weerstand van het toestel.  Hoe groot is het vermogen als het toestel op 115 V wordt aangesloten? a. R = 4,35 Ω en 500 W b. R = 4,35 Ω en 250 W c. R = 52,9 Ω en 250 W d. R = 52,9 Ω en 500 W 22. Twee gelijke weerstanden R 1 en R 2 worden op twee spanning aangesloten die verhouden zich als 1 : 2. Wat is de verhouding tussen de vermogens P 1 en P 2? a. 1 : 4 b. 4 : 1 c. 1 : 2 d. 2 : 1 Tekening lezen 23. Wat voor soort tekening is hiernaast getekend? a. Een installatietekening. b. Een stroomkringschema. c. Een grondschema. d. Een aansluitschema. 24. In de tekening staan twee soorten apparaten in symbolen weergegeven. Geef de betekenis van de beide symbolen. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 29 van 37 Symbolenkennis bouwkundig 25. Symbool 6 is een : a. Kruipluik b. Garderobekast c. Meterkast d. Bezemkast 26. In de tabel hieronder zie je bouwkundige symbolen en de omschrijving ervan. Twee vakken zijn leeg.  Vul in het eerste lege vak de omschrijving die past bij het getekende bouwkundig symbool.  Vul in het tweede lege vak het bouwkundige symbool in dat past bij de omschrijving. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 30 van 37 Symbolen elektrotechnisch 27. Hiernaast zie je een tekening van een: a. Enkelpolige schakeling. b. Wisselschakeling. c. Serieschakeling. d. Dubbelpolige schakeling. 28. In de tabel hieronder zie je symbolen en de omschrijving ervan. Twee vakken zijn leeg.  Vul in het eerste lege vak de omschrijving in die past bij het symbool.  Vul in het tweede lege vak het symbool in dat past bij de beschrijving. 29. In de onderstaande figuur staan de symbolen getekend van drie meetinstrumenten. Lees de stellingen en bepaal welke stelling juist zijn. I. Meetinstrument 2 is juist aangesloten als ampèremeter. II. Meetinstrument 1 en 3 zijn juist aangesloten als ampèremeter. a. I is juist, II is onjuist. b. I is onjuist, II is juist. c. I en II zijn beide juist. d. I en II zijn beide onjuist. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 31 van 37 30. In de tabel hieronder zie je symbolen en de omschrijving ervan. Vul in de kolom ‘schema’ de juiste symbolen in bij 2 en 3. 2 3 1 Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 32 van 37 Vraag Antwoord 1 B 2 Q= I * t I = 9,8 t = 20 * 3600 Q = 9,8*(20*3600) = 705600 Joule = 705,6 KJoule = 0,7056 Mjoule 2 punten (formule juist 1p; berekening juist 1p) 3 B 4 C 5 2 punten (tekening 1p gegevens 1p) 6 C 7 B 8 C 9 A 10 R*A=L*P 3 * A = (2*343) * (0,0175. 10-6 ) 3 A = 12,005 * 10-6 A = 12,005.10-6 / 3 = 4 * 10 -6 m2 = 4 mm2 2 punten (wet van Ω 1p; lengte berekening 1p) 11 I = U2 / R2 = 7 / 14 = 0,5 A U1 = I * R1 = 0,5 * 6 = 3 V U3 = I * R3 = 0,5 * 4 = 2 V U tot = U1 + U2 + U3 = 7+3+2 = 12 V Of I * R tot = 0,5* 24 = 12 V 2 punten (tekening 1p berekening 1p) 12 C 13 B Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 33 van 37 14 2 punten (schema goed 1p waarden goed ingevuld 1p) 15 D 16 D 17 A 18 D 19 A 20 P = U * I = 230 * 16 = 3680 W = 3,68 KW W= P * t = 3,68 *4*3600*1 = 52992 KJ = 52,992 MJ 2 punten (vermogen berekening 1p arbeid berekening 1p) 21 C 22 A 23 C 24 M1 en M2 zijn motoren, E1 is een verbruikstoestel, zoals bijvoorbeeld een kachel. 2 punten (per goede omschrijving 1p) 25 C 26 2 punten (per goede omschrijving of symbool 1p) 27 A 28 meervoudig lichtpunt Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 34 van 37 2 punten (per goede omschrijving of symbool 1p) 29 A 30 2 punten (per goede omschrijving 1p) Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 35 van 37 Bijlage C: Nederlands spreken Tijdsduur: 4 – 6 minuten Voor het onderdeel spreken houdt u een presentatie over het onderwerp: “loopbaan”. De presentatie moet minimaal 4 minuten duren. Bij de presentatie mag u een ‘spiekbriefje’ met steekwoorden gebruiken. U kunt de presentatie thuis voorbereiden. Dit raden wij u ook aan. U kunt de presentatie oefenen door deze hardop uit te spreken, de tijd op te nemen, etc. Uw presentatie heeft een inleiding, kern en slot. In de inleiding geeft u aan wat u gaat bespreken in uw presentatie. In de kern bespreekt u het onderwerp of enkele deelonderwerpen. Tot slot sluit u de presentatie af en geeft u de assessor de gelegenheid om vragen te stellen. Hieronder staan een aantal vragen waarvan het de bedoeling is dat u deze verwerkt in de presentatie. 1. Begin uw presentatie door te vertellen waarom u nu deelneemt aan deze diplomaroute. Waarom wilt u graag dit diploma halen? 2. Vertel daarna kort wat over uw (arbeids-) verleden. Welke opleidingen heeft u gevolgd, en hoe bent u in dit beroep terechtgekomen? 3. Hoe wilt u zich na het behalen van het diploma nog verder ontwikkelen? Vertel welke cursussen u nog wil volgen of aan welke vaardigheden u wilt werken om nog beter te worden in uw werk. Vertel ook waarom. 4. Vertel wat u belangrijk vindt in uw werk. Vindt u bijvoorbeeld een goed contact met collega’s erg belangrijk, of vind u het prettig om problemen voor anderen op te lossen? 5. Sluit de presentatie af door de volgende zin aan te vullen: Over 5 jaar... (bijvoorbeeld: Over 5 jaar …werk ik met veel plezier bij deze organisatie, waar ik zelfstandig leerlingen begeleid, of Over 5 jaar …heb ik mijn eigen bedrijfje opgezet). Let op: Het is niet de bedoeling dat u letterlijk bovenstaande vragen een voor een beantwoordt. Het gaat er om dat u een onderhoudende en informatieve presentatie geeft. Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 36 van 37 Bijlage D: Nederlands gesprekken voeren Tijdsduur: 10 minuten Na afloop van uw presentatie over uw loopbaan voert u een gesprek met de assessor. Het gesprek gaat over uw rol als burger in de Nederlandse maatschappij. U kunt zich op dit onderwerp voorbereiden met de informatie over burgerschap hieronder. Leest u de informatie door en denk na over de vragen. Uw gesprekspartner legt u verschillende vragen en stellingen voor. Hij vraagt u te antwoorden op de vraag, of te reageren op de stelling. Daarna reageert hij op wat u zegt. Bijvoorbeeld door u een vervolgvraag te stellen. Op deze manier komt u met elkaar in gesprek. Het doel van het gesprek is om uw gesprekspartner duidelijk te maken hoe u als burger in de Nederlandse maatschappij leeft en werkt. Kwalificatie-eisen burgerschap Elke mbo-student moet tijdens zijn opleiding aandacht besteden aan onderwerpen op het gebied van loopbaan en burgerschap. Deze onderwerpen zijn beschreven in de Kwalificatie-eisen loopbaan en burgerschap. Op deze pagina ziet u een samenvatting van de kwalificatie-eisen voor burgerschap. Deze eisen zijn verdeeld in vier dimensies. Het examenonderdeel gesprekken voeren (opdracht 2) gaat over onderstaande dimensies. De politiek-juridische dimensie Bij de politiek-juridische dimensie van burgerschap gaat het erom of u wilt en kunt deelnemen aan politieke besluitvorming. Het gaat hierbij om stemmen bij landelijke of gemeentelijke verkiezingen. Maar ook om uw mening over onderwerpen zoals duurzaamheid en veiligheid. Weet u welke politieke onderwerpen belangrijk voor u zijn, thuis of op uw werk? En weet u hoe mensen en groeperingen in Nederland over deze onderwerpen denken? Weet u bijvoorbeeld waarom Wakker Dier actie voert tegen erg goedkope kipfilet in de supermarkt? En weet u welke politieke partij het beste bij u past? De economische dimensie De economische dimensie bestaat uit twee delen:  De vraag of u een bijdrage wilt en kunt leveren aan het arbeidsproces en het bedrijf waar u deel van uitmaakt. Het gaat er hierbij om of u goed kunt functioneren op de arbeidsmarkt en in een bedrijf. Kent u uw rechten en plichten als werknemer, en bent u een goede collega?  De vraag of u als consument wilt en kunt deelnemen aan de maatschappij. Het gaat er hierbij om of u weet wat de rechten en plichten van een consument zijn. Weet u waar en hoe u informatie kunt verzamelen voordat u een product of dienst aanschaft? Bedenkt u voordat u een product of dienst aanschaft of u het wel kan betalen? En bedenkt u ook of het product wel goed is voor uw gezondheid of voor het milieu? Weet u welke invloed reclames op tv en in tijdschriften kunnen hebben op uw koopgedrag? De sociaal-maatschappelijke dimensie Bij de sociaal-maatschappelijke dimensie gaat het erom of u een actieve bijdrage wilt en kunt leveren aan de gemeenschap. Weet u waaraan u verschillen in cultuur kunt herkennen? En weet u waarom deze verschillen soms tot conflicten leiden? Accepteert u dat mensen en groepen van elkaar verschillen, en toont u respect voor culturele verschillen? En weet u waarom sociale en professionele netwerken belangrijk zijn in een maatschappij? Weet u wat u als vrijwilliger kunt bijdragen aan de gemeenschap? Weet u waarom het belangrijk is dat u ethisch en integer handelt? Kunt u bijvoorbeeld uitleggen waarom u de meeste geheimen niet doorvertelt, maar sommige dingen die u te horen krijgt juist wel doorgeeft aan uw leidinggevende? Weet u hoe men verwacht dat u zich in verschillende situaties gedraagt? En kunt u deze kennis ook toepassen? Handleiding deelnemer Monteur elektrotechnische installaties - deelnemers van InstallatieWerk – versie 1.1 Monteur elektrotechnische installaties (niveau 2) KD 94271 cohort 2014 pagina 37 van 37 De dimensie vitaal burgerschap Bij de dimensie vitaal burgerschap gaat het erom of u wilt en kunt nadenken over uw eigen leefstijl en uw verantwoordelijkheid als burger en als werknemer om gezond te leven. Weet u wat een gezonde leefwijze is? Weet u hoeveel u per week ongeveer moet bewegen, en wat een goed voedingspatroon is? Kent u de gezondheidsrisico’s van uw werk en van uw leefstijl? Zorgt u voor uw eigen vitaliteit en fitheid? Zorgt u bijvoorbeeld voor een goede afstemming tussen werken, zorgen (voor uzelf en voor anderen) en ontspannen? Weet u waar u terecht kunt als u meer wilt bewegen of als u gezonder wilt eten? En weet u waar u terecht kunt met vragen over verslaving?

Vragen aan ons?

Wij zijn op werkdagen telefonisch bereikbaar tussen 8:30 en 13:00 uur op telefoonnummer: 0344-656256. U kunt ook mailen naar: diplomaroute@rocrivor.nl

 

 

 

Inschrijven

Aanmelden? Klik hier om uzelf in te schrijven.

LET OP: Onderstaande informatie is geldig tot 1 aug 2016. Vanaf 1 augustus 2016 komt er een nieuwe basis: de herziene kwalificatiestructuur. Dat betekent dat we vanaf 1 augustus 2016 met nieuwe examens werken en nieuwe tarieven hanteren. Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen.